Galerij

Vrouwen op het terrein : Laura Decarpentrie, HORECA inspecteur

12 maart 2026

Vrouwenforum

In het kader van de Internationale Vrouwendag 2026 zet het Vrouwenforum een ​​initiatief van de stad Brussel in de kijker dat erop gericht is vrouwen die op het terrein werken zichtbaarder te maken.
We maken daarom kennis met twee van deze vrouwen: mevrouw Magali Demorsy, tuinierster in het Warandepark, en mevrouw Laura Decarpentrie, controleuse. We spreken ook met mevrouw Faouzia Hariche, schepen van Human Resources van de stad Brussel.

Het algemeen artikel lezen

 

Door Christine Beausaert
De terrassen in het stadscentrum zitten die namiddag overvol.
Overal zijn er snackbars en restaurants: de keuken van de hele wereld binnen enkele straten.
Het is dus in haar vertrouwde werkomgeving dat we mevrouw Laura Decarpentrie, hygiëne-inspecteur in de horecasector bij de Stad Brussel, ontmoeten.

In het kader van een project dat vrouwen op het terrein meer zichtbaar wil maken, spreken we met twee werkneemsters van de Stad Brussel.

Kunt u in enkele woorden uitleggen wat uw beroep inhoudt?

Ik ben hygiëne-inspecteur in de horecasector. Ik controleer de hygiëne van voedingsmiddelen in restaurants, op markten, in slagerijen, bakkerijen…

Welke weg hebt u afgelegd om in dit beroep terecht te komen?

Van opleiding ben ik dierenarts, en voedselcontrole maakt deel uit van die studie. Vandaar ook de bekende uitdrukking: “van boer tot bord”.

Als dierenarts werkte ik vaak in spoeddiensten, met een hoge werkdruk en zware werktijden. Dat was moeilijk te combineren met een gezinsleven, daarom heb ik uiteindelijk voor mijn huidige functie gekozen.

Is dit een beroep dat u zich als jongere al zag doen?

Absoluut niet. Maar achteraf ben ik heel blij dat ik mij in deze richting heb kunnen heroriënteren.

Wat zijn de moeilijkste aspecten van het werk op het terrein? Hebt u al gespannen situaties meegemaakt tijdens een inspectie?

Het blijft een controlefunctie, en dat betekent dat we soms ook repressief moeten optreden. We moeten bijvoorbeeld sancties opleggen of voedsel in beslag nemen. Dat kan natuurlijk tot gespannen situaties leiden.

Soms zijn mensen er rotsvast van overtuigd dat ze alles correct doen. Dat maakt het soms nog moeilijker, omdat hun teleurstelling dan groot is.

Meestal slagen we er echter in om spanningen te ontmijnen. We proberen begrip te tonen en de dialoog aan te gaan. Onze ervaring helpt daarbij.

Het is ook belangrijk te begrijpen dat we ook een adviserende en begeleidende rol hebben. We leggen uit wat er op het spel staat: de gezondheid van iedereen. En we zoeken samen met de betrokkenen naar oplossingen.

Is uw beroep eerder mannelijk, vrouwelijk of evenwichtig verdeeld?

Bij de Stad Brussel is het volledig evenwichtig: we zijn met twee, een man en een vrouw.

Ik wil ook graag herinneren aan het bestaan van het FAVV (federaal) en Brulabo (regionaal).

Hebt u ooit het gevoel gehad dat het feit dat u een vrouw bent invloed heeft op de manier waarop restauranthouders reageren op uw controle?

Dat is wel eens gebeurd, vooral vroeger. Ik zag er toen nog vrij jong uit en sommige mensen namen mij daardoor minder ernstig. Maar dat zijn meestal mensen die sowieso moeite hebben om kritiek te aanvaarden.

Bent u al geconfronteerd met seksistische opmerkingen of gedrag in uw werk?

Als het gebeurt, is het meestal niet openlijk maar eerder subtiel.

Wanneer ik samen ben met mijn collega, richten sommige mensen zich bijvoorbeeld vooral tot hem. Of ze aanvaarden dezelfde opmerking minder goed wanneer die van mij komt.

Onze controlerende rol zorgt er ook voor dat mensen zich soms wat inhouden – en dat merk je.

Voor een eerste, onaangekondigd bezoek geef ik er bovendien de voorkeur aan dat we de controle samendoen. Niet dat ik ooit een probleem heb meegemaakt, maar je weet nooit. Ik zou bijvoorbeeld niet graag in een kelder of achterkamer worden opgesloten.

Zijn er volgens u eigenschappen die vrouwen in dit werk in het bijzonder meebrengen?

Ik heb het geluk met een erg empathische collega te werken, dus bij hem merk ik dat verschil niet. Maar ik denk wel dat vrouwen in dit beroep vaak minder snel het conflict opzoeken en eerder empathie en zachtheid tonen, net om spanningen te verminderen.

Waar bent u het meest trots op in uw werk?

Op het menselijke contact.

En op de hulp die we de bevolking kunnen bieden.

De begeleiding en het advies dat we geven aan de gecontroleerde personen geven ons erkenning. Een zin als: “Dat wisten we niet, we zullen het beter doen.”

Welk advies zou u geven aan een jonge vrouw die dit beroep wil uitoefenen?

Dat ze moet beseffen dat theorie niet alles is.

Wanneer je begint, zit je hoofd vol regels en normen. Je wil dat alles altijd perfect en brandschoon is. Maar de praktijk leert dat je met gezond verstand moet controleren en oplossingen moet zoeken die aangepast zijn aan de realiteit van elk bedrijf.

U neemt deel aan een sensibiliseringsactie om de plaats van vrouwen met een beroep op het terrein zichtbaarder te maken. Waarom hebt u daarvoor gekozen?

Dat lag mij nauw aan het hart. Ik steun uiteraard het principe van gelijkheid tussen mannen en vrouwen, maar tegelijk denk ik dat iedereen verschillend is.

Je moet bijvoorbeeld ook durven zeggen dat het niet eenvoudig is voor een vrouw om voltijds te werken, een heel jong kind in de crèche te hebben, net uit een postpartumperiode te komen… en tegelijk voltijds te blijven werken.

Er zijn zeker grote stappen vooruit gezet, maar er blijven veel subtiele dingen die ervoor zorgen dat mensen elkaar niet altijd begrijpen.

Waarschijnlijk omdat je de realiteit van iemand anders pas echt begrijpt wanneer je die zelf meemaakt – en dat kan natuurlijk niet voor iedereen.

Voelt u zich gesteund door uw leidinggevenden? Zo ja, op welke manier? Ziet u nog mogelijke verbeteringen?

Door mijn directe leiding zeker.

En ik weet dat, mocht ik ooit met iets ernstigs te maken krijgen, ook het hogere management mij zou steunen.

Maar omdat mijn collega en ik slechts met twee zijn en goed samenwerken, is het soms moeilijk om deel te nemen aan bepaalde opleidingen (zoals bijvoorbeeld een training rond omgaan met agressie).

Heeft publieke erkenning van professionele inzet volgens u nog betekenis in de huidige arbeidswereld?

Ja, absoluut.

Wanneer je werkt, geef je jezelf volledig. Je zet je er met hart en ziel voor in. En je moet altijd ergens een stukje van jezelf opofferen.

Wanneer iemand je dan ziet en zegt: ‘Dat is toch wel moedig’, dan doet dat echt deugd voor het moreel.

 

Wat is volgens u het nut van de actie van Vrouwenforum?

Er bestaan veel verenigingen en organisaties die rond vrouwen werken, maar wat mij betreft zullen het er nooit genoeg zijn.

Elke groep heeft zijn eigen manier van denken, begeleiden en ondersteunen. En omdat iedereen anders is, zullen er nooit genoeg initiatieven zijn.

Soms komen mensen gewoon niet vooruit omdat ze niet weten hoe ze vooruit moeten. Daarom is elke groep waardevol.

 

Lees de gerelateerde artikelen.

Het KIEA wordt

Sinds 1954 is de arbeidswereld veranderd.

Om te voldoen aan de nieuwe verwachtingen van diegenen die het beste van zichzelf geven, moderniseert het Instituut, maar behoudt het zijn missie en waarden.

Welkom aan het “Royal Work Honors Institute”.

Ontvang onze nieuwsbrief

*Vereist